04 oktober 2009
Vanmorgen stond ik vroeg op, kon de slaap niet meer vatten. Lekker even rustig de zondagkrant lezen met een kopje thee, voordat de bende ook beneden komt. Een paar artikelen verder hoor ik de trap kraken, gedaan met de rust. Ik duik dieper in de krant, in de hoop nog even het gekwek te ontlopen.
Het heeft geen zin, Daisy komt meteen op me af. Ze kijkt me veelbetekenend aan en geeft me een knuffel. Wat lief, maar ga nu niet half over mijn krant hangen. Ik glimlach en vraag of ze ook wat wil drinken, zoals gewoonlijk is dat water. Snel terug naar mijn thee en krant, wellicht is ze nu afgeschud.
Dat had ik gedacht, alsof ik in het potje honing heb gezeten. Vrouwen in de knuffel modus, die eisen gewoon je volledige aandacht. Maar ik heb geluk, haar broer komt ook beneden. Een mannelijke medestander, die ’s ochtends ook van rust houdt. Hij kijkt ons even aan en loopt direct door naar de keuken.
Toch weet ik dat mijn krant aan de kant kan, het is stilte voor de storm. Broer en zus kunnen elkaar zo lekker pesten, dan moet ik er natuurlijk weer tussen springen. Daisy kijkt haar broer uitdagend aan als hij terugkomt uit de keuken. Hij doet alsof, je ziet hem plezier hebben in het spel.
Kraak, de trap alweer. Mijn vrouw daalt neder om het gezin te completeren. Dat heeft voordelen, want nu neemt zij de rol van scheidsrechter van mij over. Maar ook nadelen, want nu wil zij aandacht en begint zo direct natuurlijk met kletsen. Ik geef me eraan over, de dag begint nu echt te leven.
Heb je ze al iets gegeven, vraagt mijn vrouw. Ik frons mijn wenkbrauwen. Mijn vrouw wenkt me mee de keuken in, de koelkast open. Daisy sprint naar ons toe, Gismo mauwt. Ik pak het bakje met tonijn en verdeel het over twee schoteltjes. De katten spinnen en zijn gelukkig, mijn vrouw en ik kijken gezellig toe. Fijne Dierendag.




