22 oktober 2009
Dat denken we allemaal en zo hoort het ook. Denken gelijk te hebben is een normaal gegeven en is belangrijk voor je zelfvertrouwen. Het geeft aan dat je bewust nadenkt en keuzes maakt. Je bouwt je eigen referentiekader van waaruit je kunt handelen. Je hebt vanuit jouw referentiekader ook altijd gelijk.Echter, jouw referentiekader is nog niet dat van anderen. Je weet niet alles, hebt niet alles meegemaakt. Anderen kunnen ook gelijk hebben. Van belang is te ontdekken wat de gezamenlijke waarheid is. Daarvoor moet je durven openstaan voor andermans mening en je eigen gelijk kunnen bijstellen na afstemming.
Voordeel van een gezamenlijke waarheid is een versterkt gevoel gelijk te hebben en een dieper zelfvertrouwen. Nadeel is dat een gezamenlijke waarheid nogal vastgeroest kan zitten. Het is nooit Dé waarheid. Een derde partij heeft wellicht een alternatief en een vierde, vijfde en zesde partij ook. Je zult dus moeten blijven openstaan, je bent nooit klaar met je gelijk.
Daarnaast is gelijk hebben nog niet hetzelfde als gelijk krijgen. Vaak genoeg zul je balans moeten vinden tussen wat je zelf denkt dat waar is en wat je omgeving vindt dat waar is. Emoties kunnen hoog oplopen over gelijk willen hebben en aan eigen waarheden vasthouden. Vooral wanneer je afhankelijk bent van die andere mening.
Het enige gelijk dat je echt hebt is dat je het bent. Je beste wapen is niet je overtuiging, maar je nieuwsgierigheid. Wanneer jij je open opstelt in een discussie of debat, geef je de ander ook de ruimte daartoe. Denk eens hardop met de ander mee: “Misschien heb jij wel gelijk.” Vraag je eens af: “Wat is mijn belang dat ik gelijk krijg?”




