30 september 2009
Ja, deze titel oogt wel vreemd. Ik heb ook niet het idee dat er werkelijk een Godsdienst bestaat waarbij het Homo zijn centraal staat. Een homo mag worden geweigerd of weggestuurd door een religieus ingesteld instituut (kerk, politieke partij, school enzovoort). We schrijven het jaar 2009 en we zijn in Nederland. Echt waar?
Verschillende religies sluiten het homo zijn en dus ook homo’s uit. Daarmee worden homo’s door de volgers van deze religies weggezet en doen ze er alles aan om homo’s zoveel als mogelijk uit hun samenleving te bannen. In elk geval mogen ze geen bijzondere functie vervullen, omdat dit op z’n minst een verkeerde voorbeeldfunctie zou zijn.
Vanuit het oogpunt van de religie gezien is hun handelswijze wel logisch. Hun normboeken schrijven voor dat homo’s not done zijn. Vanzelfsprekend wil je dan je omgeving beïnvloeden en controleren om de norm in stand te houden. Onder andere in Nederland hebben ze ook recht van vrijheid op Godsdienst.
In dezelfde Nederlandse Grondwet en ook in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens staat dat mensen niet gediscrimineerd mogen worden op grond van hun geaardheid, homo zijn. Nu kun je twee zaken met elkaar vergelijken. Ten eerste welk normboek heeft voorrang of is leidend en ten tweede welk artikel in onze wet.
Er zijn fanatieke aanhangers die menen dat het religieuze normboek boven de wet gaat. Van mij mag iedereen zich aan van alles en nog wat houden, als ze zich in elk geval maar aan onze wet houden. Wanneer het er in onze rechtstaat op aankomt, dan is onze Grondwet leidend. Hoop ik maar.
Lastiger wordt het wanneer we artikelen vergelijken in deze Grondwet, namelijk het recht op vrijheid van Godsdienst en het verbod op discriminatie, recht op vrijheid van geaardheid, homo zijn. Net zo lastig als blijkt uit de rechtsgang inzake de meningsverschillen aangaande vrijheid van meningsuiting en het verbod op discriminatie. Wat telt zwaarder?
Deze discussie is natuurlijk heel erg lastig. Welles, nietes. Voorstanders, tegenstanders. Belangen, vooroordelen. Maar hoe komen we eruit? Hoe spreken we nu samen af wat we met elkaar willen? Wat zijn onze gemeenschappelijke normen en waarden? En als we het niet geheel eens worden, wie en hoe hakken we dan die lastige knopen door?




